
Even na enen begin ik vanmiddag aan dit epistel in de wetenschap dat de zoektocht naar het zomergevoel in Noord-Groningen er voor dit jaar al weer bijna op zit. Volgende week nog 2 dagen en dat is het dan. Maar hé, niet te lang somberen natuurlijk. Eerst deze uitwerking nog maar even uitschrijven.
Ik ging vanmorgen trouwens niet rechtstreeks naar deze dorpjes cq. gehuchten. Eerst werd Roodeschool aangedaan voor een autowissel. Kon ik mooi in deze contreien nog een beetje reclame maken voor Bosch Car Service Schipper. Even na achten was daar dan toch het startschot van deze tour en wel in Oosteinde.
Oosteinde
Daar parkeer ik de Toyota tegenover het fraaie en ruime dorpshuis van dit dorp dat slechts 150 inwoners telt. Tot voor kort had ik hier nog nooit een interview afgenomen maar daar kwam dankzij het adverteerderschap van Daniel Ekamper onlangs verandering in: https://bert-koster.nl/2025/07/08/daniel-ekamper-de-derde-generatie-van-de-familie-die-hotel-ekamper-beheert/.

Ik loop eerst maar even een rondje door het dorp. Her en der wordt een schier stee op de foto gezet en niet veel later wandel ik het dorp ook al weer uit. Nog niet eens zo heel lang geleden was Oosteinde nog geen zelfstandig dorp maar onderdeel van oostelijk Roodeschool. Loonbedrijf Stoppels zal net als Hotel Ekamper vast kadastraal nog onder Roodeschool vallen maar ik zie het als de grootste werkgever van Oosteinde.
Terug in het dorp, ga ik eerst maar even rondom blikvanger ’t Nijkerkje wandelen. Er valt genoeg te lezen in elk geval in de verhalentuin. Zo kom ik te weten dat de kerk in 1846 in opdracht van het kerkgenootschap in Uithuizermeeden gebouwd is omdat het voor de inwoners van Oudeschip en Oosteinde toch wel een eind was, lopend naar ‘Op Meij’. Zeker onder winterse omstandigheden.
Hoe klein het gehucht ook mag zijn, de kerk heb ik wel twee keer bezocht. Misschien zelfs drie keer maar dat weet ik niet helemaal zeker meer. En hoewel het dik tien en zelfs twintig jaar geleden geweest is dat ik op het kerkhof geweest ben, loop ik nog rechtstreeks naar de graven van die mensen waarvan zeker eentje veel te vroeg is heengegaan.
Ietwat bedrukt van die herinneringen neem ik snel nog even een kiekje van Hotel Ekamper. Want morgenavond ben ik weer op deze plek maar dan voor het betere werk, namelijk voor een hapje en een drankje. Ik ben zeer benieuwd naar dit uitstapje want de vorige keer was de zaak al volgeboekt toen ik vier dagen van te voren probeerde te reserveren. En zo verlaat ik uiteindelijk toch goedgemutst het dorpje naar het drie kilometer verderop gelegen Oudeschip….
Oudeschip…

Was het nu 1 januari 1981 of 1982 dat ik met Janneke Kap bij ons thuis op de vroege Nieuwjaarsochtend zat te Strategoën? Een bijzondere herinnering plopt zo maar opeens boven. Want dankzij Wiebrand zijn verkering met Janneke deed ik begin jaren tachtig voor het eerst Oudeschip aan om op Janneke haar verjaardag kennis te maken met het grote gezin Kap. Voor die tijd had ik nog nooit van Oudeschip gehoord maar het bezoek ben ik nooit vergeten.
Het is dan ook een wonderlijk verhaal. Winkelier Luit Kap was al een mooi eind onderweg naar de veertig toen zijn eerste dochter zich aandiende. En niet veel later kwam nummer twee, Janneke dus. En ver in de veertig zorgde hij er samen met zijn Gre met twee drielingen binnen korte tijd toch maar mooi even voor dat de lagere school langer open kon blijven want het leerlingenaantal werd bijna verdubbeld. In 1976 sloot de school toch de deuren en nu bevindt zich aldaar dorpshuis Diggelschip.
Diggel staat voor grof aardewerk en het ging er in Oudeschip vroeger tijdens de zogenaamde diggelmarktfeesten ruig aan toe en dat ging weer gepaard met veel drankmisbruik en ongeregeldheden. Op aanraden van de eerder genoemde kerkenraad van Uithuizermeeden werden deze markten dan ook verboden. Het is sowieso leuk om op Wikipedia de dorpsgeschiedenis te lezen. Door de oprukkende industrie was er al eerder sprake om het dorpje, net als eerder Oterdum, Heveskes en Weiwerd nabij Delfzijl, af te breken. Maar dat lot bleef zowel Borgsweer als Oudeschip uiteindelijk bespaard.
Toch duiken die plannen af en toe wel weer op. En dat heeft natuurlijk alles te maken met de uitbreidingsplannen van de Eemshaven. Het is net alsof dit hinken op twee gedachten over de toekomst van het dorp de gemeenschap in tweeën splitst. Want ik zie aan de Molenweg namelijk mooie nieuwe huizen die gebroederlijk naast bouwvallen staan die niet meer bewoond lijken te zijn.

Ik parkeer de auto naast speeltuin het Molenwiekje. Deze ligt weer zo’n beetje naast het dorpshuis en tegenover de voormalige winkel van de familie Kap. Deze Winkel van Sinkel, die naam kreeg het omdat hier werkelijk waar alles te koop was; je kon het zo gek niet bedenken of Kap wist het gevraagde artikel wel ergens tevoorschijn te toveren, behoort tegenwoordig toe aan zoon Jaap die af en toe vast nog wel eens met de gedachte speelt om de winkel te heropenen.
Jaap is overigens tevens voorzitter van de plaatselijke dorpsbelangen en hij is de enige inwoner uit het dorp waar ik wel eens een website-interview mee gehouden heb: https://bert-koster.nl/2019/10/04/jaap-kap-verknocht-aan-oudeschip-en-vol-met-revolutionaire-plannen/.
Dat de naam Kap als een rode draad door dit verhaal loopt, kan ook haast niet anders. Het tweede van de in totaal vijf levensboekjes die ik geschreven heb, was aan deze markante man gewijd. Kap geloofde heilig in de toekomst van de Eemshaven en zag Oudeschip al meegroeien in de vaart der volkeren.
Hij zou minimaal honderd jaar worden, dat waren de woorden van broer Wiebrand die hem dan citeerde, en het gezin haalde regelmatig de kranten. Ook ‘Van gewest tot gewest’ – wie kent deze televisieserie nog? – besteedde aandacht aan dit speciale gezin. Het blijft bijzonder om nog even een blik naar binnen te werpen.
Na een bezoek aan het Diggelschip, besluit ik verder te lopen. Af en toe hoor ik een geluid dat mij de ene keer aan het ruisen van de zee en een andere keer aan een vliegtuig op een grote afstand doet denken. Maar dat zijn natuurlijk de grote windmolens die voor deze zachte ruis zorgen. Een paar keer werk ik een blik over de dijk om te zien wat de uitbreidingsplannen van de Eemshaven nu daadwerkelijk inhouden voor het dorp. Een en ander zal neerkomen op een gigantisch industriepark in de achtertuin, zo ver is mij wel duidelijk.
Het is dan ook niet verbazingwekkend dat ik de nodige actieposters in het dorp zie hangen. En een ingegraven oude motorfiets lijkt mij ook een gevalletje ‘stil protest’. Veel mooier is de geste van de LTO die net buiten het dorp op een weiland een ware bloemenzee gecreëerd heeft. Het ziet er prachtig uit en geeft het dorp toch iets van een feestelijk tintje.
Nooitgedacht

Ik ben eigenlijk zeer nieuwsgierig hoe het dorp er over zes jaar uit zal zien wanneer ik hier hopelijk terugkeer voor deze reeks. Het is nog maar half tien wanneer ik de tijd check en ik vind het eigenlijk nog te vroeg om naar huis te gaan.
En dus keer ik terug naar de auto om een herinnering te plukken. Want ongeveer zeven jaar geleden reden we door Oudeschip om verderop bij een boerderij een tweedehands bar op te halen, de buurman althans, die gebruikt zou kunnen worden voor onze straat tijdens de lichtweek in Middelstum.
We kwamen toen door een gehucht met een bijzondere naam en dat was Nooitgedacht. Ik besluit deze route nogmaals te volgen en maak direct nog even een foto van een huis met een mooi molentje in de tuin en het huis met de fraaie voortuin. Niet te geloven eigenlijk dat er vroeger op dit stee plannen waren, tot 2013 nog wel, om van dit gebied een glastuinbouwgebied te maken. Het is er nooit van gekomen.
Ik rijd nog een keer via dezelfde weg terug om te checken of ik niet iets over het hoofd gezien heb. Ik zie langs de weg nog wel een bord dat verwijst naar boer Bakker. Hoe zat het ook al weer met zijn gronden, heeft hij die nu verkocht voor die uitbreidingsplannen of is hij uitgekocht? Ik weet het niet meer. Maar het is mooi geweest. Donkere wolken pakken zich samen en een regenbui dreigt. Of dat illustratief is voor dit gebied laat ik graag aan de lezer zelf over.
Ik heb toch nog een dikke twintig foto’s weten te schieten in de drie gehuchten die opgeteld nog geen driehonderd inwoners herbergen. Dat leidt tot dit zomer-Instagrammatje: https://bert-koster.nl/2025/08/21/een-zomer-instagrammetje-uit-oosteinde-oudeschip-en-nooitgedacht/.
Dit was het eerst weer voor deze week. Volgende week ga ik nog twee keer op pad. Op woensdag doe ik Broek, Kleine Huisjes en Hornhuizen aan, prachtige plaatsjes in de gemeente Het Hogeland. En ik eindig donderdag in Woldendorp, na deze reeks in Wagenborgen begonnen te zijn op 4 augustus. Maar eerst ga ik dan op zoek naar de restanten van de eerder aangestipte verdwenen dorpen Oterdum, Heveskes en Weiwerd….