Kunt u zich heel kort even voorstellen?
Mijn volledige naam luidt Adriaan van Kooten, roepnaam Adri. Ik ben op 18 september 1955 geboren in het Academisch Ziekenhuis te Groningen en opgegroeid in Appingedam. Ik heb nog een jongere broer die in Siddeburen woont. Mijn vader was vroeger monteur van agrarische machines en ging bij de boeren langs voor reparaties en controles. Mijn moeder regelde het huishouden.
Mijn eerste levensjaar heb ik in Stadskanaal doorgebracht en daarna volgde een verhuizing naar Appingedam. We gingen in de Patrimoniumstraat wonen en daarna zijn we nog één keer verhuisd. Ik heb later met mijn vrouw nog op een ander plekje in Daam gewoond en we kwamen op onze zoektocht naar een eigen woning uit in Spijk. Daar kochten we in 1981 aan de Spaarbankweg een huis en we zijn er nooit meer weggegaan. Het is hier rustig wonen en het bevalt ons er prima.
Wat is uw burgerlijke staat?
Ik ben in 1977 getrouwd met de oorspronkelijk ook uit Appingedam afkomstige Ria Buitenwerf. Zij is drie jaar jonger en ik leerde haar kennen in de tijd dat ik DJ was in discotheek Opwierde. Dit was oorspronkelijk een lagere school in Appingedam die we zelf helemaal opgebouwd hadden en tussen het plaatjes draaien door liep ik zelf ook door de zaal. Ik kwam al vrij snel in contact met Ria, de eerste keer was geloof ik in 1973.
Dit huwelijk heeft ons drie kinderen geschonken. In 1979 werd Jaap geboren, hij woont in Smilde. Peter kwam in 1982 op de wereld en woont ook in Spijk. Janneke tot slot diende zich in 1986 aan en woont nu tijdelijk in Steendam. Nadat het versterkingsproces is afgerond, keert ze met haar gezin terug naar Spijk. Ria en ik zijn de trotse grootouders van drie kleinkinderen van 23, 20 en 12 jaar oud.
Wat is uw voormalig beroep?
Na de lagere school in Appingedam ben ik daar ook naar de MAVO en de HAVO gegaan. Na mijn diplomering in 1974 besloot ik voor de verpleegkundigenopleiding te gaan. Dat wilde ik al op jonge leeftijd, zie het als een roeping. Ik ging in het Delfzicht ziekenhuis werken en volgde mijn opleiding in Winschoten. Na mijn diplomering, heb ik nog twee opleidingen gevolgd. In 1980 deed ik de HBO opleiding bedrijfsverpleegkunde in Nijmegen en aan de universiteit van Antwerpen heb ik in 1990 de postuniversitaire opleiding bedrijfshygiene en bedrijfsergonomie succesvol afgerond.
Ik heb al met al van 1974 tot 1980 in het Delfzicht ziekenhuis gewerkt waarvan de laatste drie jaar als OK-verpleegkundige. Ik zag veel leed en heb ook de nodige mensen moeten afleggen en jonge mensen zien sterven. Ik vroeg mij toen af of ik dit mijn hele leven wilde blijven doen en besloot het roer om te gooien met het volgen van de eerder genoemde opleidingen als gevolg.
Ik verlangde meer naar een ‘normaler’ leven en dat lukte in 1980 toen ik bij de Bedrijfsgezondheidsdienst Eemsmond in Delfzijl ging werken. In die hoedanigheid heb ik bijna alle bedrijven in Delfzijl wel eens bezocht. Ik deed de voorselectie van de mensen die gekeurd moesten worden op basis van hun arbeidsrisico’s en besprak met hen de uitslagen van de onderzoeken die ze op basis van hun arbeidsrisico’s hadden ondergaan. Wanneer ik verontrustende afwijkingen constateerde dan stuurde ik ze door naar een bedrijfsarts.
Ik specialiseerde mij daarnaast steeds meer in de ergonomische aspecten van het werk en werd in 1987 na zeven jaar ‘weggekocht’ door de Bedrijfsgezondheidsdienst in Groningen. Ik werd hiervoor gevraagd en hoefde niet lang na te denken want het mes sneed aan twee kanten. Ik kon mij financieel behoorlijk verbeteren en hoefde daarbij geen bereikbare (weekend)diensten meer te draaien. In Groningen werd de focus steeds nadrukkelijker naar de arbeidsomstandigheden binnen bedrijven gelegd.
Ik heb vervolgens in 1993 na zes jaar Groningen nog één keer een werkswitch gemaakt en ging bij de Stigas Arbodienst aan het werk. Hier hield ik mij bezig met de gezondheidszorg binnen de agrarische sector en wel voor de drie noordelijke provincies. Deze dienst bestond nog niet en dus was het pionieren geblazen en ik heb meegeholpen om dit van de grond te krijgen.
Een zeer gevarieerde baan die mij langs allerlei verschillende agrarische bedrijven bracht. Van akkerbouwers tot veeboeren- en varkenshouderijen. Ik heb binnen de verschillende sectoren van de agrarische sector de nodige onderzoeken verricht en daarbij ook veel risico-inventarisaties binnen deze branche uitgevoerd.
Voor mij was dit een fantastische baan maar ik ben sowieso nooit een dag met tegenzin naar het werk gegaan. In september 2020 kon ik op 65-jarige leeftijd dankzij een goede pensioenregeling bijna twee jaar eerder stoppen met werken. Een beslissing waar ik, ondanks alle werkplezier, nooit spijt van heb gehad.
Hoe bevalt het gepensioneerd zijn?
Ik ben al vanaf mijn jonge jaren een enorme vogelliefhebber. Geen flauw idee hoe dit ontstaan is want in mijn directe omgeving was er niemand met dezelfde hobby. Ik was een jaar of zeven, acht toen ik mijn eerste vogels kreeg. In mijn hoogtijjaren heb ik er honderden tegelijk gehad, nu zijn het er nog zo’n veertig.
Ik heb ook heel veel over vogels geschreven waaronder een achttal boeken over bijvoorbeeld papegaaien, parkieten, volièrevogels en valkparkieten. Hier is heel veel vrije tijd in gaan zitten. Nog steeds schrijf ik vanaf 1992 maandelijks stukjes voor een aantal vogeltijdschriften en zit ik ook in aantal redactieraden.
Ook was ik vroeger een fanatiek voetballer. Ik was een jaar of elf toen ik lid werd van Appingedam en ik heb nog in het eerste elftal gevoetbald dat toen uitkwam in de hoofdklasse. Nadat we verhuisd waren naar Spijk heb ik tot mijn 37e in het eerste elftal van Poolster gespeeld en ben ik met voetballen gestopt toen ik voorzitter werd van deze mooie club. Ik ben al met al tien jaar voorzitter geweest en we hebben als bestuur best wel lastige beslissingen moeten maken maar altijd wel in het belang van de club natuurlijk.
Ook op vogelgebied heb ik voorzitter- en secretarisfuncties vervuld. Zo was ik landelijk secretaris van de Parkieten Speciaal Club van de nationale vogelbond maar ook voorzitter van de Noord Nederlandse Gras- en Grote Parkieten Club. Ik heb veel buitenlandse reizen mogen maken en dat heeft mij in Gambia, Zuid-Afrika, Australië (beide landen twee maal), Costa Rica en Madagaskar gebracht. Mijn interesse in vogels kon ik hier mooi combineren met een andere hobby, namelijk de fotografie.
Nog steeds ben ik dus actief in de vogelwereld. Ik verzorg nog regelmatig beamerlezingen op vogelgebied en over mijn buitenlandse reizen. Zo langzamerhand ben ik aan het afbouwen qua vrijwilligerswerk op vogelgebied maar het valt niet mee om geschikte vervangers te vinden. Maar het moet wel want we hebben bijvoorbeeld ook een grote tuin en een eigen huis dat onderhouden moet worden.
Wat zijn de hoogtepunten uit uw leven?
Dat zijn in de eerste plaats de standaarddingen zoals onze trouwdag en de geboorte van de kinderen en kleinkinderen. Die gezinsgebeurtenissen staan zeker op nummer één. Daarbij ben ik trots op het boek dat ik heb uitgegeven over parkieten en papegaaien want dit werd een groot succes en de eerste druk was direct uitverkocht. Er is jarenlange research in gaan zitten en dan mag je trots zijn toch wanneer dit zoveel waardering oplevert! Daarnaast kijk ik met veel plezier terug op behaalde kampioenschappen bij Poolster met het eerste elftal.
En de dieptepunten?
Zonder al te veel in detail te willen treden kom ik uit bij het verlies van de nodige dierbaren, waaronder mijn ouders en schoonouders.
Heeft u nog anekdotes en mooie verhalen?
Ik heb in mijn werk, zeker in de beginjaren, veel nare en rare dingen gezien op het werk. Van vingers eraf tot dodelijke werkongevallen. Zeker tijdens het werk in het ziekenhuis heb ik dit als erg confronterend ervaren wat maakte dat ik op den duur een werkswitch gemaakt heb want ik wilde dit niet mijn hele leven blijven doen.
Ook tijdens mijn buitenlandse reizen heb ik het nodige beleefd. In Madagaskar bijvoorbeeld waren we op expeditie en kwamen we ook in gebieden waar heel weinig mensen woonden. We stuitten op den duur op een stel jonge kinderen die nog nooit blanke mensen gezien hadden en dus volledig in paniek raakten toen ze ons tegenkwamen.
Ook een inheemse vrouw die we in de verte zagen, bleef stofstijf staan toen ze ons zag. Ook zij was doodsbang voor ons en de gids die ons begeleidde, leidde haar op den duur schoorvoetend langs ons heen.
Wat zou u ooit nog willen doen in uw leven?
Geen boek meer schrijven in elk geval. Wel onderhoud ik nog twee websites: www.vogelproblemen.nl en www.infovogels.nl. Ik heb reeds de nodige landen bezocht maar zou hier graag nog een land in Centraal- en Zuid-Amerika aan toe willen voegen. Mijn jongste zoon is ook geïnteresseerd in vogels en wil dan misschien nog wel (weer) mee.
Waar heeft u spijt van gehad in uw leven?
Doordat ik heel veel dingen leuk vond om te doen op het gebied van vrijwilligerswerk, nam ik soms wel eens te veel hooi op mijn vork. Dit heeft mij wel eens opgebroken.
Wat zou u uw leven voor een cijfer willen geven?
Noteer gerust een 8,5.
Wilt u verder nog iets kwijt?
Wacht niet te lang met plannen van zaken die je graag nog wilt doen. ‘Doe waar je zin in hebt en wacht hier niet te lang mee’. Dat is een beetje mijn levensmotto geworden. Je hoeft niet per se op je pensionering te wachten wanneer je mooie reizen wilt maken. Ik heb in het ziekenhuis genoeg voorbeelden gezien hoe snel het allemaal kan gaan. Gelukkig ben ik op mijn 71e zowel fysiek als mentaal nog goed gezond en ik hoop nog veel dingen te mogen ondernemen!