We leven in een wereld waarin alles snel moet. Door, door, door. Alsof stilstaan hetzelfde is als verliezen. Alsof je pas meetelt als je tempo maakt. Maar soms is stilstaan geen achteruitgang. Soms is het overleven.
Ik moest daar de afgelopen jaren vaak aan denken. Vooral als ik kijk naar onze zoon. Er was een moment waarop het gewone pad van een tiener met school, een vast dagritme, hoge verwachtingen, gewoon niet meer ging. Alsof er iets blokkeerde. Niet uit onwil, maar omdat het simpelweg niet meer lukt. En wat doe je dan in een wereld die vooral vooruit kijkt? Dan voelt het al snel alsof je achterloopt.
Maar wat we leerden is dat herstel zich niet laat dwingen. Dat een hoofd en een hart hun eigen tempo hebben. Dat je niet zomaar “even” terugstapt in wat was. En dat dat ook niet hoeft. Want die weg terug… die was lang.
Een zoektocht van een jaar naar de juiste hulp. Naar mensen die ons begrijpen en die zien wat er nodig is. Vier keer een andere casemanager, steeds weer opnieuw beginnen, opnieuw vertellen, opnieuw hopen dat dit dan degene is die blijft. Tot er eindelijk iemand kwam bij wie het klopte. Iemand die er was…. en bleef.
Onderweg vonden we ook een plek waar hij kon landen. ‘Bij Nous’ in Winsum. Een plek waar hij werd opgevangen zoals hij was, zonder oordeel, met ruimte om te zoeken en te zijn. En toen kwam er iets wat misschien niet in een standaard behandelplan past, maar wel precies was wat nodig was: kickboksen.
Niet alleen om sterker te worden, maar om te leren vallen en weer opstaan. Letterlijk en figuurlijk. Om spanning kwijt te raken. Om weer iets van controle en vertrouwen terug te voelen. Geen rechte lijn omhoog. Geen snel herstel. Maar een proces van vier jaar. Vier jaar van kleine stappen, terugvallen, weer doorgaan. Van zoeken, proberen, soms twijfelen. En toch steeds weer een beetje vooruit.
Hij vond zijn weg niet terug op school. Niet zoals het hoort. Maar langzaam, stap voor stap, vond hij wel weer een plek in de wereld. In werk. In ritme. In kleine stukjes vertrouwen die terugkwamen. Dus bij ons geen grote sprongen en geen snelle oplossingen. Maar iets dat misschien nog wel waardevoller is: echte en stabiele groei.
Waarbij hij een weg heeft gevonden in de horeca, waar hij inmiddels een contract heeft. Waar hij mensen kan helpen en bedienen. Daar waar zijn talent ligt. En nu straks in de afrondingsfase zit ‘Bij Nous’. Wat geweldig!
Het is bijzonder hoe anders je naar “het nieuwe” gaat kijken als je dit van dichtbij meemaakt. Nieuw is niet altijd fris en licht. Soms is het kwetsbaar en nog heel voorzichtig. Met horten en stoten. Maar het is er wel. Zoals de lente ook niet ineens uitbundig begint. Eerst dat eerste sprietje groen. Bijna onzichtbaar. Maar als je goed kijkt, zie je het leven terugkomen.
Misschien is dat wel de les die hij ons leert. Dat het niet gaat om hoe snel je terug bent. Maar dát je terugkomt. Op jouw eigen manier. Mijn meester uit klas 3 schreef het vroeger al in mijn poëzie-album:
Stil maar, wacht maar, alles wordt nieuw. Als je het maar de tijd geeft.