Zet de tv aan, open social media of luister even mee in de rij bij de kassa; binnen een paar seconden word je geraakt door een spervuur aan oordelen. We zijn er dol op. Oordelen over anderen, over situaties, over complete groepen mensen, en dat vaak op basis van bitter weinig informatie.
Als je er bewust op gaat letten, is het bijna vermoeiend hoe gretig we met z’n allen in de oordelenmodus schieten. Het is alsof niemand meer iets wéét, maar iedereen wel een mening klaar heeft.
In de oertijd was dat nog handig. Toen moest je binnen een fractie van een seconde bepalen of iets een tijger was of een struik die ritselde. Ons oerbrein is gebouwd op snelheid, emotie en automatische aannames, alles om te overleven. Maar anno 2026 staan er geen tijgers meer achter elke boom.
De bedreiging van vandaag komt vooral van mediafeeds die volgepropt zijn met ongevraagde meningen. En toch oordelen we nog steeds alsof ons leven ervan afhangt. Het brein wil zekerheid, overzicht, een simpele “goed” of “fout” om de wereld behapbaar te maken. Emotie gaat sneller dan ratio, waardoor we al geoordeeld hebben voordat we überhaupt nadenken. Handig in het oerwoud; rampzalig in de commentssectie.
Het lukt me slecht om mezelf ervoor af te sluiten. Neem een dodelijk ongeluk, een tragische gebeurtenis die al pijnlijk genoeg is. Nog voordat de rook is opgetrokken, verschijnt het online, compleet met beelden, want alles moet tegenwoordig real time geconsumeerd worden. Alsof menselijk leed een soort entertainment is geworden.
Maar dan komen de reacties. Waarom überhaupt reageren op een nieuwsbericht? Wat voegt het toe? En als je al reageert, waarom dan zo voorspelbaar? “Vast te hard gereden.” “Zal wel drank in het spel zijn.” “Twintig jaar? Tja, jeugd van tegenwoordig.” “Vijfentachtig? Veel te oud om nog te rijden.”
Het is fascinerend en irritant tegelijk hoe gemakkelijk mensen hun oordeel op tafel leggen. Ons oerbrein verzint liever een verhaal dan dat het even wacht op feiten. Het maakt niet uit wat er gebeurd is, de meningen staan al klaar, alsof iedereen een persoonlijke morele flitscamera heeft.
Misschien is dat wel het echte probleem. We leven niet meer in een wereld waarin oordelen ons redt, maar we gedragen ons nog steeds alsof dat wel zo is. En het kost energie, onnodig veel energie. Maar stoppen? Ho maar. Oordelen is een nationale reflex geworden. Misschien wordt het tijd voor iets radicaals; een seconde wachten. Even denken. Of desnoods, heel revolutionair, niets zeggen.