‘Met m’n laatste stukje volharding dat ik nog heb, dwing ik de kinderen om schoenen, jassen, broeken van de grond, stoelen en tafel te pakken en daar te zetten/leggen/hangen waar het hoort. Terwijl we inmiddels alle drie met hoofden als donderwolken onze taakjes volbrengen, zwaait de achterdeur open. Daar zal je vader hebben.’ De ochtendstond heeft niet altijd goud in de mond voor Suzan Hooijer…..
Suzan Hooijer