Bij de Molen
KOOZAA
De Kleine Munt
Notaris Huitsing
Hotel 't Gemeentehuis

Simon van Dam, van routeverkoper tot Siemen Pommel

Kunt u zich heel kort even voorstellen?

Noteer bij mijn naam gerust Simon van Dam. Ik ben op 26 juni 1953 geboren in Kantens, als oudste kind uit een arbeidersgezin. Mijn broer woont ook in Zandeweer, mijn zuster is helaas in 2007 overleden. Mijn vader is jarenlang landmeter geweest voor Rijkswaterstaat. Later werkte hij voor de gemeente Kantens op het kerkhof van Zandeweer.

Zandeweer is ook de plaats waar ik opgegroeid ben want toen ik één jaar was, zijn we hier naar toe verhuisd. Eerst woonde ik aan de Poelweg, later volgde een verhuizing naar de Albert van der Zielstraat. Hier heb ik tot mijn 23e gewoond. De laatste jaren verbleef ik doordeweeks op de militaire kazerne in Assen, ’s weekends was ik dan gewoon thuis. Na in 1976 voor het eerst getrouwd te zijn, verhuisde ik met mijn toenmalige vrouw naar Assen. In 1980 wilde ik graag weer terug naar mijn roots en we gingen in Uithuizen wonen, aan de Ripperdadrift.

In 1986 volgde een verhuizing naar ’t Lage van de Weg. Na mijn scheiding in 1999 heb ik nog een jaar in Winsum gewoond om vervolgens terug te keren naar Zandeweer. Eerst op Molenhorn nummer 9. Maar inmiddels woon ik met mijn huidige vrouw al weer elf jaar met veel plezier op Molenhorn 3.

Wat is uw burgerlijke staat?

Ik ben in 2003 hertrouwd met Klazien Scholtens. Het was een moetje. Onze vrienden vonden dat we het zo goed voor elkaar hadden, dat we maar moesten trouwen. Waarschijnlijk hadden ze wel weer een keer zin in een feestje. Wij stemden in maar wel met de voorwaarde dat zij alles moesten regelen. Daar gingen zij weer akkoord mee maar uiteindelijk moesten wij wel alles zelf betalen, haha. Ik ken Klazien al heel lang maar de vonk sloeg in 2000 over, drie jaar later zijn we getrouwd.

Zelf ben ik vader van twee kinderen. Zoon Peter is 37 en woont in Uithuizen, dochter Sandra is 33 en woont in Bedum. Klazien heeft ook twee kinderen: Jan Willem (31) woont in Farmsum en Marlies (28) in Roodeschool. Ik ben dus ook bonusvader geworden. We kunnen het als samengesteld gezin allemaal goed met elkaar vinden. Daarbij ben ik de trotse opa van drie kleinkinderen die 7, 10 en 12 jaar oud zijn.

Wat is uw voormalig beroep?

Ik heb de lagere school in Zandeweer doorlopen en wist toen al dat ik graag automonteur wilde worden. In Zandweer zat vroeger garage Norden en in die omgeving was ik vaak te vinden. Daarbij trokken automagazines en –folders mij altijd wel. En dus ging ik naar de LTS in Uithuizen. Daar wist men mij echter te vertellen dat mijn niveau niet toereikend was om de autotechniek richting te volgen. En dus ging ik voor de opleiding constructie-, bankwerker en lasser. Na op 16-jarige leeftijd mijn diploma gehaald te hebben, ging ik bij PMF in Uithuizen aan het werk.

In principe als constructiewerker maar omdat ik het vak nog moest leren was ik ook regelmatig aan het schoonmaken. Een jaar later ging ik bij Philips in Groningen aan het werk. Daar moest ik hoofdzakelijk de thermostaten die op de koffiezetapparaten geplaatst werden in elkaar zetten. Bij Philips kon ik maandelijks negentig gulden meer verdienen dus die overstap was snel gemaakt. Vervolgens heb ik nog twee jaar bij Bulthuis in Noordwolde gewerkt en daarna bij Munting in Roodeschool.

Toen moest ik in militaire dienst en daar heb ik een mooie tijd gehad. Ik besloot te solliciteren naar de functie van technisch specialist met Assen als standplaats en haalde vervolgens al mijn monteurdiploma’s en rijbewijzen. Zouden ze het op de LTS verkeerd gezien hebben of zou het misschien iets met mijn werkhouding toentertijd te maken hebben gehad? Ik heb daarna twee jaar in een garage in Assen gewerkt maar merkte dat ik graag weer terug wilde naar Groningen. Die kans deed zich voor toen ze bij de Domo Melkfabriek in Bedum op zoek waren naar melkwagenchauffeurs die bij de veehouders langsgingen om hun melk op te halen. Voor mij een hele mooie baan met goede verdiensten.

Ik vond het leuk om bij de veehouders langs te gaan in het noordelijke gedeelte van onze provincie en genoot van de contacten. Toen ik echter een interne vacature zag dat ze bij FNZ een routeverkoper zochten, heb ik de switch gemaakt. Ik ging nu als een soort van vertegenwoordiger bij de boeren langs om ze die spullen te verkopen die ze nodig hadden, bijvoorbeeld reinigingsmiddelen. Dit had voor mij als voordeel dat ik in de weekenden vrij was en dit gaf mij de ruimte om vaker op te treden.

Ook dit werk paste mij heel goed. Aanvankelijk ging ik maandelijks bij de verschillende veehouders langs, later werd dit ik een keer per zes weken. Dit werk heb ik al met al 27 jaar gedaan. Eind vorig jaar werd mijn afdeling opgeheven, ik heb echter doorbetaald gekregen tot eind oktober. Toen beurde ik mijn eerste AOW-uitkering. Op zich vond ik het jammer dat ik noodgedwongen eerder moest stoppen, ik had mijn tijd wel vol willen maken. Al met al heb ik op twee maanden na veertig jaar bij de DOMO/FNZ gewerkt.

Hoe bevalt het gepensioneerd zijn?

Het was in het begin best wel wennen om bij huis te zitten. Ik begon ’s morgens met koffie en een krantje en vroeg mij om 17.00 uur wel eens af wat ik die dag gedaan had. Toen ik de kans kreeg om 2 a 3 dagen bij de UVO in Uithuizermeeden aan het werk te gaan was de keuze snel gemaakt. En zo ben ik al weer een klein half jaar druk bezig om met de bus schoolkinderen van en naar Terra in Winsum te rijden. Af en toe vervoer ik met de bus mensen van de Eemshaven naar bijvoorbeeld Schiphol. Dat vind ik hartstikke leuk om te doen. Wel moet ik nu voor het eerst sinds vijftig jaar, dus sinds militaire dienst, een stropdas om op het werk, dat was wel even wennen.

Begin jaren tachtig ben ik begonnen met schrijven. Vroeger op de lagere school kreeg ik al wel te horen dat ik ‘oardig schier’ opstellen kon schrijven. Het schrijfwerk in het Gronings begon in de tijd dat ik op toneel zat bij toneelvereniging TAG op Meij. Ik schreef dan in het Gronings het openingswoord dat de voorzitter voor de voorstelling voor moest dragen maar schreef ook voor de Eemsbode en de Ommelander.

Dit resulteerde in 1988 zelfs in een boekje ‘Riemen van Siemen’. Deze boekpresentatie was voor 800 man tijdens de Groninger week en ik mocht zelf de presentatie verzorgen. Gebruik makend van de trom van de muziekvereniging besloot ik de presentatie te combineren met wat droge ‘ongein’. Dit sloeg wel aan geloof ik, de Siemen Pommel-act was geboren.

Op dezelfde avond kwam ik Alje van Bolhuis voor het eerst tegen en we werden vrienden voor het leven. Hij had kort ervoor de band De Boetenbaintjes opgericht. Wij konden het goed met elkaar vinden en hebben later regelmatig samen opgetreden. De Boetenbaintjes maakten muziek, ik was aan het ‘proatjesmoaken’ met een trom erbij. Later ging ik ook wel alleen met Alje op pad. Ik schreef de versjes, hij regelde er dan een melodie bij. De laatste jaren ging ik op tournee met mijn partner Klazien. Zij op de gitaar en ik op de trom, qua zangstemmen vulden we elkaar goed aan.

Al met al ben ik op deze manier een kleine dertig jaar op pad geweest. De teksten waren altijd in het Gronings en ik hield van de interactie met het publiek waarbij ik altijd kon vertrouwen op mijn improvisatievermogen. In mijn latere jaren heb ik ook wel columns geschreven voor RTV Noord, deze las ik dan tijdens de uitzending op zaterdagmorgen voor. Ik kijk met veel plezier terug op deze tijd en sluit niet uit dat er ooit nog eens op de een of andere manier een soort van tijdelijke comeback komt.

Maar voor de rest hoef ik mij ook nu niet te vervelen hoor. Ik ben dit seizoen medecoach geworden van de dames van ZEC en ben op Walking Football gegaan, bij Noordpool in Uithuizen. In de zomermaanden mag ik graag op de motor rijden of er samen met Klazien met de camper op uit trekken.

Wat zijn de hoogtepunten uit uw leven?

De geboorte van de kinderen en kleinkinderen. En dat ik Klazien heb leren kennen. Deze momenten steken er bovenuit. Maar ik kan ook mooie herinneringen uit mijn toneel-, muziek- en voetballeven aanstippen. Zo heb ik met vele bekende artiesten op mogen treden. Maar toch heb ik het meeste voldoening gehaald toen ik als invaller moest fungeren bij een musical op Meij. Ik had slechts vier weken de tijd om de rol te leren maar ik kijk er met optredens in onder andere de Molenberg in Delfzijl met veel plezier op terug omdat ik hiermee een overwinning op mijzelf gehaald heb.

Als invalkeeper van ZEC was ik er bij toen ze naar de 1e klasse GVB promoveerden. En dan hoorde je wel eens: ‘Hé, doar stoat Pommel op doel ja!’. Ik heb nog een tijdje bij de Heracliden gevoetbald en scoorde zelfs als spits van LTC twee keer in een promotiedegratiewedstrijd waarvan een keer vanaf de middenstip. Dat zijn ook prachtige herinneringen natuurlijk.

En de dieptepunten?

Het overlijden van dierbaren zoals bijvoorbeeld mijn zuster die na een periode van ziek zijn slechts 46 jaar mocht worden. Ook mijn mijn moeder is in 2007 overleden, in hetzelde jaar als mijn zuster. Een heftig jaar derhalve. Pa leeft nog en is 90 jaar. Hij woont in Hunsingoheerd in Uithuizen ‘moar het het der stoer mit om boudeln veur mekoar te hoal’n.’ Dat is een moeilijk proces om van dichtbij mee te maken. ‘Ik ken die wel moar wait nait wel stoe bist’. Die pakkende zin hoorde ik onlangs. En ergens wil ik die nog wel een keer verwerken in een nummer.

Heeft u nog anekdotes en mooie verhalen?

Ik kan er zoveel opdiepen uit de tijd dat ik nog optrad. Zo zat er in Zuidhorn een keer een chagrijn aan de bar en ik kon het niet laten om aan het eind van mijn optreden een applaus voor hem te vragen omdat hij het zo lang had volgehouden. De zaal ging hier gretig op in want dit was niet de eerste keer dat hij zich tijdens een optreden zo had opgesteld.

De optredens met Alje waren altijd een feestje. We voelden elkaar goed aan en improviseerden er vaak op los. Regelmatig werden nieuwe nummers bijna onvoorbereid opgevoerd. En zo kon het een keer gebeuren dat ik mijn tekst was vergeten. Alje had dit wel door en speelde rustig verder zodat ik de kans had om even achter de bühne de tekst op te diepen. Het leek goed te gaan maar toen ik verder wilde zingen vroeg Alje heel droog: ‘Tekst vergeten?!’ ‘Ja’, antwoordde ik en ging rustig verder….. 

Wat zou u ooit nog willen doen in uw leven?

Een keer naar Canada vliegen met Klazien. Ik heb er familie wonen en zou graag een keer door dit land willen trekken.

Waar heeft u spijt van gehad in uw leven?

Ik heb spijt van de dingen waarvan ik achteraf gedacht heb, ‘dat had ik beter niet kunnen doen….’

Wat zou u uw leven voor een cijfer willen geven?

Noteer maar een acht!

Wilt u verder nog iets kwijt?

Ik wens iedereen hetzelfde toe als dat ze mij toewensen…..

Bert Koster
Middelstum
info@bert-koster.nl
bertkoster1@gmail.com
www.bert-koster.nl
06-51715098
0595-552405
KvK nummer: 57250278
BTW nummer: NL 108306987B01