Bij de Molen
KOOZAA
De Kleine Munt
Notaris Huitsing
Hotel 't Gemeentehuis
Zonnehuisje

Vrouw Honderd oet Wietwerd

Kunt u zich heel kort even voorstellen?

Mijn naam is Jantje Honderd, meisjesnaam Tamminga. Geboren in 1926 in een nieuw huis in Bedum. Ik kom uit een gezin van 3 kinderen. Mijn oudste broer is 90 jaar en woont in Canada en ik heb nog een jongere zuster van 82 jaar. Zelf hoop ik volgende maand 89 jaar te worden.

Na ons trouwen zijn we naar Westerwijtwerd verhuisd waar mijn man toen woonde. We hadden een huis gekocht waar 2 gezinnen in woonden. Uiteindelijk heeft het nog 2 jaar geduurd voordat deze gezinnen een andere woning hadden gevonden want er heerste in die tijd een grote woningschaarste. In de tussentijd hebben we 2 jaar bij mijn schoonouders gewoond. Niet helemaal optimaal natuurlijk, vooral niet toen we een dochter kregen. Gelukkig kwam uiteindelijk alles op zijn pootjes terecht.

We kochten het huis in 1953, toen we er gingen wonen was het inmiddels 1955. Ik heb hier tot november 2014 gewoond, dus bijna 60 jaar. Vandaag woon ik officieel een half jaar (zouden er vandaag nog bloemen gebracht worden?) tot mijn volle tevredenheid in het Hippolytushoes. Ik zag best wel tegen deze verhuizing aan maar het was niet anders. Mijn oude huis zat vol met stoepjes en opstapjes en ik was al een paar keer gevallen.

Wat is uw burgerlijke staat?

Ik ben op 3 juni 1953 getrouwd met Albert Honderd uit Westerwijtwerd. Het hele feestgebeuren (gemeentehuis, kerk en het aansluitende feest) was in Bedum. Ik had Albert 6 jaar eerder leren kennen toen hij met een kameraad door Bedum liep. Hij heeft mij toen naar huis gebracht. Mijn vriendin vroeg mij de dag er op of ik wist hoe hij van achteren heette. Dat wist ik niet. Toen hoorde ik dat dit Honderd was, dat vond ik in het begin zo’n rare naam, daar moest ik even aan wennen.

Ik had al wel vaker wat scharreltjes gehad maar met Albert voelde het direct goed. Ik vond hem een laiverd en hij is altijd mien laiverd blev’n! We zijn 31 jaar heel gelukkig getrouwd geweest. Op 28 juni 1984 overleed hij aan hartproblemen. In 1981 had hij al een zwaar hartinfarct gehad. 1984 was een heftig jaar voor mij want exact 2 maanden eerder overleed mijn moeder, zij was ook hartpatiënt.

We hebben 5 kinderen gekregen waarvan 1 direct bij zijn geboorte is overleden. Dit was tijdens mijn laatste bevalling. Er kwam niet 1 jongetje maar er kwamen er 2. De jongste heeft het helaas niet gered, dat was natuurlijk heel verdrietig. Mijn oudste dochter Greet woont in Tilburg, zoon Jacob (Job) in Uithuizen, Jan in Westerwijtwerd en Eddy woont ook in Uithuizen. Inmiddels ben ik in het rijke bezit van 11 kleinkinderen en 5 achterkleinkinderen.

Wat is uw voormalig beroep?

Doorleren zat er vroeger bij ons thuis niet in dus toen ik op mijn 14e van school kwam ging ik direct op een boerderij tegenover ons werken als dienstmeid. Later heb ik nog een jaar op een boerderij in Ter Laan gewerkt en toen vroeg de boerin aan mij of ik wilde leren melken. Dat vond ik maar niets want ik was bang voor die beesten. Van mijn moeder hoefde het gelukkig ook niet.

Daarna heb ik 7 jaar bij Bakker Jonkman gewerkt in het huishouden maar ook oppassen op de kinderen. Een leuke tijd maar toen ik in 1950 een ontsteking aan mijn knie kreeg werd dit eigenlijk te zwaar voor mij. Ik heb hierna nog 3 jaar in een naaiatelier gewerkt. Na ons trouwen ging ik dus in Westerwijtwerd wonen en kreeg ik de zorg over mijn kinderen en mijn schoonouders. Mijn man heeft diverse werkzaamheden verricht in de wegenbouw. Ook was hij heftruck- en vrachtwagenchauffeur.

Hoe bevalt het gepensioneerd zijn?

Ik heb mij nooit verveeld in mijn leven. Vroeger was ik vaak aan het breien en naaien. We hadden in Westerwijtwerd ook een soort van breiclubje, ook wel creatief clubje genoemd. Toen we een dorpshuis kregen, konden we dit handwerken hier mooi voortzetten. Hier was ik vaak te vinden om mee te doen met het sjoelen. Dit heb ik tot vorig jaar volgehouden. Ook ben ik jaren mee geweest op de ouderenreis naar verschillende provincies.

Tegenwoordig ben ik ‘verslaafd’ aan het puzzelen, vooral sudoku vind ik leuk om te doen. Verder mag ik graag lezen en breng ik veel tijd achter mijn tablet door. Daar ben ik maar wat druk mee, wat een mooie uitvinding zeg. Toen ik hier kwam te wonen heb ik mij snel aangesloten bij de Golden Hippies. Ik had direct al zoiets van: ‘Dat is gezellig, ik ben der bie!’

Wat zijn de hoogtepunten uit uw leven?

Ik heb een hele gelukkige jeugd gehad. Ik kwam uit een gelukkig gezin en ben ook weer in een gelukkig gezin terechtgekomen. Ik heb gaandeweg het leven geleerd dat wanneer er verdrietige of moeilijke momenten zijn dat je er dan kracht voor terug krijgt, ook vanuit het geloof. Ik vind mijn kinderen, klein- en achterkleinkinderen een zegen, ik geniet van het gezin en nu ook van de verzorging die ik nog steeds van ze krijg maar ook van de prima verzorging hier in Hippolytushoes.

Mijn huwelijk met Albert was relatief kort maar heel gelukkig. Wel zijn er natuurlijk altijd wel zorgen geweest maar daar heb ik mij aan overgegeven, ik wist waar ik met mijn zorgen heen kon. Dat maakt mij nu nog gelukkig.

Ook heb ik heel veel aan mijn vader gehad, we konden goed met elkaar praten. Mijn moeder is vrij jong overleden. Nadat Albert overleden was, heb ik mijn rijbewijs gehaald en toen kon ik pa mooi ophalen vanuit Bedum. Dat waren gezellige dagen waar ik met veel plezier op terugkijk.

En de dieptepunten?

Het gemis van een kindje en het vroege overlijden van mijn man. Maar je moet weer verder natuurlijk. Ik vind dat we als gezin veel tegenslagen met humor en gekkigheid hebben doorstaan. Zo heb ik bijvoorbeeld ook veel zorgen gehad nadat zoon Jan door een zwaar autocross ongeluk een week in coma in Leeuwarden heeft gelegen. Zijn situatie was toen door een gebroken nek heel zorgelijk. Ik weet nog dat ik bij hem was en in zijn hand kneep. ‘Heurst mie ook, Jan?’ Ik zag toen een traan over zijn wang biggelen en het was de mooiste traan die ik ooit gezien heb. Hij kon mij immers horen! Later zei hij dat deze traan kwam doordat hij zo van mij geschrokken was.

Ondanks zorgelijke tijden was er altijd gekheid in het gezin. Toen Jan in Leeuwarden verzorgd werd, kwam er nog een vrouw bij hem op de afdeling te liggen die de hele dag chocolade zat te eten. Toen we buiten de zaal op haar naambordje keken, bleek ze mevrouw Verkade te heten. Dat verklaarde natuurlijk een hoop…

Binnen het gezin hebben we nooit ruzie gehad. De kinderen en Albertien zorgen heel goed voor mij. Dat pakken ze me niet meer af.

Heeft u nog anekdotes en mooie verhalen?

Ik zag eerst best wel op tegen de overgang naar het Hippolytushoes. Maar toen dokter Addink zei van ‘Ik help joe!’ ging er bij mij een knop om. Mijn verstand is nog goed en deze moet ik gebruiken. Thuis wilde het gewoon niet meer. Ik ben hier prima ontvangen, zo werd ik vriendelijk toegesproken door Marianne Ubbink die mij direct op mijn gemak stelde. De kinderen hadden eerder al foto’s opgestuurd van mijn nieuwe kamer en de inrichting.

Tijdens de verhuizing hielpen alle kinderen mee. Alberdina had een rijkelijk gevulde pan bonensoep gemaakt en zo zaten we thuis voor het laatst gezamenlijk te eten. De kinderen waren best wel een beetje bedrukt en dachten dat ik dikke tranen zou plengen. Dat wilde ik niet want ze hadden zo hun best voor mij gedaan en dus ben ik hier met goede moed heengegaan. Het heeft zo moeten zijn.

Wel mis ik af en toe het zelf koken, dit deed ik thuis tot het laatst aan toe. De kleinkinderen vinden het ook jammer want ik kon altijd lekkere pannenkoeken maken volgens hen. ‘Hoe doet oma dat toch?’, zo vroegen ze eens aan mijn zoon Eddy. ‘Oma bakt ze met heel veel liefde’, zei hij toen.

Ook heb ik ooit eens een aanrijding gehad bij de Plus. Ik botste toen tegen de auto van Janine Abbring (die presentatrice uit Westeremden) aan waardoor het alarm af ging. Haar auto botste weer tegen een andere auto aan. Wat een toeters en bellen. Het kwam Janine wel goed uit, zo merkte ze gekscherend op, want haar bumper was toch in slechte staat. Volgens zoon Jan moest ik nu ‘in de bak’. Maar daar ik net naar de kapper geweest was, had ik geluk. Mijn haar zat tenminste wel goed. Zelf was ik natuurlijk wel geschrokken maar het is zoals Jan zei: ‘Ach moe, het is maar blik!’ Mijn kleinzoon Rik heeft mij hierover nog een mooie kaart gestuurd…

Wat zou u ooit nog willen doen in uw leven?

Toen ik enige jaren geleden moest revalideren in Solwerd ben ik gevraagd om gastdame daar te worden. Dit omdat ik vaak een praatje met de mensen maakte en dit ook heel leuk vond. Eigenlijk zou ik best wel gastvrouw of gastdame hier in Hippolytushoes willen worden maar helaas laat mijn gezondheid dit niet meer toe.

Waar heeft u spijt van gehad in uw leven?

Ach, ik zou vast wel wat verkeerd hebben gedaan in mijn leven. Anders ben ik een raar mens toch? Maar ik heb nergens spijt van gehad.

Wat zou u uw leven voor een cijfer willen geven?

Dat vind ik een moeilijke vraag, wat zou je jezelf voor een cijfer willen geven? Ik vind mijzelf een rijk gezegend mens, ook door mijn geloof. ‘Ik ben blied’, mede door dit mooie plekje waar ik nu woon. Geef mij maar een hoog cijfer, een 8.

Wilt u verder nog iets kwijt?

Ik tref hier in het Hippolytushoes heel veel mensen uit Westerwijtwerd, dat vind ik leuk. Jouw ouders natuurlijk, meneer Thybaut en Eke. Vroeger zorgden we wat meer voor elkaar denk ik. De mensen zijn tegenwoordig toch wat meer op hun zelf.

En weet je nog wel dat ik vroeger op je gepast heb toen je moeder in het ziekenhuis lag? Ik weet het nog heel goed dat ik bij jullie in het winkeltje kwam. Jij zat stilletjes in een hoekje van de winkel te huilen omdat je zoveel heimwee naar je moeder had. Dikke tranen waren het. Maar toen ik tegen je zei: ‘Gaist met mie mit? ‘, ging je ook direct mee. Overdag deden we spelletjes en ’s avonds at je met ons mee. Vooral boerenkool vond je heel lekker. ‘Niet alles opeten hoor, ik wil ook graag nog wat Mickey Mouse!’

In het gebouw doen ze heel veel voor ons, vaak met beperkte middelen. Ik ben heel dankbaar voor de zorg die ik dagelijks mag krijgen en voor het hartelijke ontvangst. Ik hoop dat de mensen hier dit werk nog lang mogen doen en dat hiervoor ook de financiële middelen beschikbaar blijven. Wat mij betreft mag het personeel wel wat meer verdienen want ze zorgen zo goed voor ons…..

Bert Koster
Middelstum
info@bert-koster.nl
bertkoster1@gmail.com
www.bert-koster.nl
06-51715098
0595-552405
KvK nummer: 57250278
BTW nummer: NL 108306987B01