Bij de Molen
KOOZAA
De Kleine Munt
Notaris Huitsing
Hotel 't Gemeentehuis

Peter Anema, de mysterieuze tweelingboer uit Oosterburen

Peter, verloopt de aardappeloogst voorspoedig?

Zeer voorspoedig, de werkzaamheden gaan van een leien dakje. Inmiddels is 92% van de aardappels gerooid en de kwaliteit is zeer goed te noemen. Door de gunstige weersomstandigheden hoeven we zelfs niet ’s avonds of in het weekend aan het werk. Ik ben dan ook zeer in mijn nopjes. Mijn omzet is voor 70 a 75% afhankelijk van de aardappeloogst. Naast voornamelijk pootaardappelen verbouw ik ook suikerbieten en wintertarwe (wait op zijn Gronings)

Je oogst gaat de hele wereld over?

Dat klopt, ongeveer 60% gaat naar het buitenland. Je kunt het zo gek niet noemen of onze aardappels worden er gebruikt, haha. Saudi-Arabië, Jemen, Sri Lanka, Marokko, Cuba, Italië, Duitsland enz. enz.. Al met al gaat het om zo’n 80 a 90 landen.

Boer in hart en nieren?

Tijdens tweelingenonderzoeken heb ik diverse psychologische tests moeten ondergaan. Een onderdeel hiervan was de beroepentest. Zowel mijn broer als ik hadden een sterke voorkeur voor zowel de journalistiek als de agrarische sector. En inderdaad werkte broer Erik in de schoolvakanties regelmatig voor verschillende boeren in het Oldambt terwijl ik op 18, 19-jarige leeftijd vaak aan het schrijven was voor bijvoorbeeld het clubblad van de paardenvereniging waar ik lid van was.

Nu ik beter over de vraag nadenk zeg ik nadrukkelijk ja. Ik ging in Warffum naar school, naar de HAVO. Hierna volgde de Middelbare Landbouw School, deze kon ik door mijn vooropleiding in twee jaar afronden. De HLS had er wel ingezeten maar ik was niet zo’n studiebol. Er zijn ook zo veel andere leuke dingen in het leven. En zo was ik al op 19 jarige leeftijd bij ons op de boerderij aan het werk.

Toen ik 21 jaar was, heb ik nog een half jaar in Frankrijk gewerkt bij verschillende boeren. Op 25 jarige leeftijd kwam ik in de maatschap terecht, dit was in 1992. In 2001 heb ik het bedrijf overgenomen van mijn vader. Pa komt nog steeds dagelijks langs om even te kijken. En dat terwijl hij inmiddels 85 jaar is, volgende week wordt hij 86. Af en toe doet hij nog wel eens kleine klusjes, spullen ophalen bijvoorbeeld. Ook heeft hij nog 2,5 uur op de combine gezeten, dit was de 42e jaar in successie.

Ik zie mijzelf niet als een echte voorloper wat de techniek betreft maar zit vaak wel mee in de kopgroep. De tractor is inmiddels uitgerust met een GPS systeem. Op zich best wel kostbaar maar door nog betere opbrengsten verdient de investering zich vanzelf terug. In 2005 heb ik een extra loods bij de boerderij gebouwd inclusief een ruimte waar de aardappelen optimaal gekoeld kunnen worden. Onze combine is anderhalf jaar oud en ook op het gebied van drainage probeer ik het land zo goed mogelijk in te richten. Zelf beschik ik over 110 bunder land, jaarlijks probeer ik nog 15 a 20 bunder bij te huren.

Voel je je, zittend op de trekker in het uitgestrekte Oosterburen, wel eens eenzaam?

Heel af en toe wel eens een moment. Maar de prachtige omgeving maakt dit meer dan goed. Vaker is het heel rustgevend. Wanneer tijdens het ploegen het zonnetje schijnt bijvoorbeeld, daar is helemaal niets mee. De tractor rijdt vanzelf, ik ben meer als operator bezig en heb via de moderne communicatiemiddelen volop contact met de buitenwereld. Het is dagelijks toch al een komen en gaan van controleurs, vertegenwoordigers, monteurs en personeel. Nee, ik zie mij hier niet zo snel vertrekken.

Wat is het hoogte- en wat het dieptepunt uit je boerenbestaan?

Je haalt mijn val van grote hoogte aan als mogelijk dieptepunt maar op de een of andere manier kun je dit ook als een soort hoogtepunt beschouwen. Op 20 september 2007 ben ik namelijk van de zolder afgevallen. Een ongelukkige val vanuit het trapgat, een val van 4 meter die leidde tot een viervoudige bekkenbreuk. Ik heb eerst 2 weken in het ziekenhuis gelegen. Daar het goede breuken waren, hoefde ik niet geopereerd te worden. Daarna volgde een periode van 2 maanden plat liggen in Beatrixoord te Haren. Een enorm contrast natuurlijk met de normale, dagelijkse gang van zaken waarbij ik altijd volop in de weer was. Van 100 naar 0% dus. Natuurlijk heb je in het begin een enorme dip, ook al omdat je niet weet hoe je er uit komt. Daarbij moest ik opnieuw leren lopen.

Toch was het op menselijk vlak ook wel een hoogtepunt. Het bord achter mij hing vol met kaartjes, ik kreeg alle dagen bezoek, soms wel van 8 mensen tegelijk en ontving hartverwarmende reacties van mensen waarvan ik het helemaal niet verwacht had. Ook heb ik in die tijd diep respect gekregen voor het verzorgend personeel die hun werk moeten doen in moeilijke omstandigheden met soms lastige patiënten. Ik werd er als een koning behandeld.

Je komt dan ook schrijnende gevallen tegen. Mijn overbuurvrouw, een vrouw afkomstig uit Curaçao, leed bijvoorbeeld aan suikerziekte waardoor ook haar 2e been geamputeerd moest worden. Toch was ze altijd opgewekt. Ze kreeg bijna nooit bezoek, alleen haar dochter kwam af en toe langs. Het bord achter haar was helemaal leeg. Dit begrootte mij zo dat ik aan mijn partner Sofia vroeg of ze een grote kaart voor haar wilde kopen. Dit vond ze geweldig, hier hadden we nog lange tijd groot lol om.

Uiteraard wilde ik veel te snel weer beginnen met werken, maar het lichaam was er nog niet klaar voor wat leidde tot tal van blessures en spierscheuringen. Soms liep ik dan wel eens tegen een muur aan. Pas anderhalf jaar na het ongeval was ik weer de oude. Toch heb ik in deze fase enorm veel indrukken en levenservaring opgedaan. Ik heb leren relativeren.

Heb je nog smakelijke anekdotes uit het boerenleven?

Het boerenleven gaat niet altijd over rozen. Soms maak ik mij enorm zorgen of het wel goed komt met de oogst. 2006 was bijvoorbeeld een extreem nat jaar. Op een zaterdagmiddag in augustus regende het weer pijpenstelen en ik maakte mij grote zorgen. Wanneer aardappelen 24 uur onder water staan kunnen ze afgeschreven worden, dan zijn ze binnen de kortste keren verrot. Het dreigde die kant op te gaan.

’s Middags om 16.00 uur belde ik met loonbedrijf Van Dijken. Zij hebben nog diezelfde middag en avond een dikke sleuf dwars door het aardappelland heen gegraven, over een lengte van 500 meter. De dag er op zijn we met 11 personen met de schop het land ingegaan om overal gleufjes te graven om er maar voor te zorgen dat het water weg kon stromen. Gelukkig had dit een hele positieve uitwerking. Tijdens de oogst in september zijn we geen verrotte aardappel tegengekomen en was er uiteindelijk zelfs sprake van een goede oogst. Ondanks de zorgen doet je dat dan heel goed. Ook het feit dat er zoveel mensen meegeholpen hebben natuurlijk om dit te realiseren.

Waar komt je fanatisme als voetbaltrainer vandaan?

Fanatisme is denk ik niet het goede woord, enthousiasme dekt de lading misschien wel veel beter. Ik was eens op vakantie in de Dominicaanse Republiek toen de barkeeper van ons hotel tegen ons zei: “Peter, ik hou wel van mensen zoals jij, gevolgd door de uitdrukking (siempre por ciento) wat zoiets betekent dat ik als wat doe, ik dit ook met 100% inzet wil doen.

Tot 2007, het jaar van mijn bedrijfsongeval, bezocht ik eigenlijk alleen de thuiswedstrijden van zoon Xander. Voor de uitwedstrijden gunde ik mij vaak geen tijd. Dat veranderde in de jaren er na. Toen halverwege het seizoen één van de begeleiders van de E-junioren stopte heb ik zijn taken overgenomen. Het seizoen er na ben ik ook met training geven begonnen. Hoewel ik vroeger nooit op voetbal heb gezeten was ik toch vaak aan het ballen met mannen als Eric Boskamp en Marcel Verkerk. Ook ging ik altijd naar wedstrijden van FC Groningen, de club waarvan ik een seizoenskaart had.

Broer Erik was wel een fanatiek voetballer en werd later trainer bij de jeugd van WVV dat hoog speelde. Zo heeft hij ooit eens voorkomen dat SC Heerenveen olv Gert Jan Verbeek kampioen werd. Verbeek was hier zo ziek van dat hij weigerde om Erik na de wedstrijd de hand te schudden. Misschien zit het trainersbloed wel in onze genen. Ik had wel een mening over de trainingen en vond dat het beter en gestructureerder kon. Via Marktplaats kwam ik in contact met Rob Wuijster, voormalig hockey-bondscoach van Zwitserland. Ik heb al zijn 200 (!) boeken met trainingsstof overgenomen en bijna alles doorgelezen. Ook heb ik mijn oren en ogen goed de kost gegeven op de voetbalschool waar zoon Xander training kreeg en tijdens jeugdtrainingen van FC Groningen. Ook zeer interessant was de loopclinic van Henk Kraayenhof, ooit trainer van wereldkampioene Nelli Cooman en looptrainer van Juventus.

En zo werd ik dus jeugdtrainer bij de VV Middelstum. Er gaat best wel veel tijd inzitten maar je krijgt er ook heel veel voor terug. Het enthousiasme, het groepsproces, het werken met elkaar, mooi man. Als je dan ook nog zaken in de wedstrijden terugziet waar intensief op getraind is dan geniet ik helemaal. Ik vind het een geweldige hobby. Daarbij vind ik Middelstum een prachtige club, mooi die smeltkroes van verschillende mensen en culturen.

Hoe vaak krijg je horen “Jij komt me zo bekend voor”?

Die kreet bijna nooit maar wel hoor ik regelmatig wanneer ik in Groningen loop: “Hè Erik!” Of ze kijken je na wanneer je langsloopt en vragen zich dan hard op af: “Is dat niet Erik?” Vaak loop ik dan stug door, haha. Of ik vertel ze dan dat hij mijn tweelingbroer is. Toen we vorig jaar bij Pauw en Witteman zaten werd ik de dag er op wel aangesproken door een man die over ons bijzonder verhaal tot 02.00 uur ’s nachts met zijn vrouw in bed had liggen praten, zo vertelde hij mij. Ik kon het niet nalaten hem te vragen of hij niets beters te doen had, haha…

Want RTV Noord eindredacteur Erik Hulsegge is je tweelingbroer?

Klopt, er is zelfs sprake van een identical twinbrother, een eeneiige, identieke tweelingbroer. En dat terwijl ik tot mijn 17e niet eens wist dat ik een broer had. Het verhaal is denk ik wel bekend maar heel in het kort komt het hier op neer dat mijn biologische moeder op haar 25e zwanger raakte van een getrouwde man. Afkomstig uit een ‘goede familie’ was dit halverwege de jaren 60 een regelrechte schande. Zij moest ons tegen haar wil afstaan maar stelde daarbij wel als voorwaarde dat we bij elkaar zouden blijven.

Dat is dus niet gebeurd. Erik is in de contreien Westerlee/ Winschoten opgegroeid terwijl ik hier in Oosterburen terechtkwam. Het balletje kwam aan het rollen toen Erik bij zijn grote kameraad Jeroen in de klas terecht kwam die ook een tweelingbroer had. Hij was één van de weinigen die van het verhaal wist en vroeg aan Erik hoe het nu met zijn broer was. Erik wist van niets natuurlijk en dacht in eerste instantie aan een geintje. Via die kameraad zijn moeder volgden uiteindelijk na 17 jaar de eerste contacten. Een bizar verhaal inderdaad. Later zijn we met dit verhaal verschillende keren op TV geweest zoals bij Pauw en Witteman dus en bij de KRO serie ‘De Wandeling’.

Met Erik ben je zelfs voor een onderzoek naar Amerika geweest?

Klopt, 20 jaar geleden zond de EO een filmpje over ons uit. Professor Boomsma was al 20 jaar op zoek naar ‘zo’n geval’ als de onze en de dag na de uitzending kreeg ik dan ook een telefoontje van haar. We zijn de enige tweeling in Nederland die gescheiden van elkaar zijn opgevoed. Professor Boomsma was bevriend met professor Bouchard uit Amerika die onderzoek deed over allerlei genetische en omgevingsafhankelijke aspecten van de opvoeding van kinderen. Voor hem waren we dan ook razend interessant en zo kon het gebeuren dat we een week op de Universiteit in Minneapolis hebben doorgebracht om aan allerlei onderzoeken deel te nemen.

Klik op de link voor het EO-filmpje: Tweelingboer

Best bijzonder eigenlijk want we trokken uiteindelijk 3 weken intensief met elkaar op en dat was eigenlijk voor het eerst. Dan leer je ook elkaars mindere kanten, of misschien wel die van je zelf dus, kennen. Dan denk je wel eens bij jezelf, ‘ben ik ook zo?’. Het was zelfs zo erg dat we vaak ook gelijktijdig naar de WC moesten, ook niet altijd even handig natuurlijk. Wanneer we uit eten gingen, bestelden we vaak hetzelfde. De laatste dag besloten we dit patroon te doorbreken. We deden onafhankelijk een bestelling en zetten deze van te voren op papier. En wel zo dat we een gerecht uitkozen waarvan we overtuigd waren dat de ander die niet zou kiezen. Toen bleek uiteindelijk dat we weer beiden hetzelfde besteld hadden…

Nog tijd voor hobby’s?

Mijn beroep en het trainerschap bij de VV Middelstum slokken veel tijd op. Zo maak ik soms werkweken van 80 uur. Als ik dan op zaterdagmorgen om 8 uur in de kantine kom dan heb ik er al een halve werkdag opzitten. Ik mag graag uit eten gaan en ga ook regelmatig bij mij vriendin Sofia kijken die de paardensport beoefend.

Kun je iets meer over je gezin vertellen?

Ik woon al ongeveer 16 jaar prettig samen met Sofia, zij is ook de spil van het bedrijf en onmisbaar in bijvoorbeeld de administratie en de catering van ons boerenbedrijf. Verder is ze dus fanatiek in de paardensport. Dit jaar is ze met de ZEO-zestal reservekampioen van Nederland geworden. Vier jaar geleden werd ze met het viertal zelfs kampioen van Nederland en met dit team behaalde ze ook een 2e plaats tijdens de verkiezing Groninger sportploeg van het jaar achter de volleyballers van Lycurgus.

Ze kent dus de klappen van de zweep, om er maar eens een woordspeling tegen aan te gooien. Begin jaren negentig werkte ze zelfs nog een jaar bij Ankie van Grunsven. Ze is geboren in Baarn, woonde ook een tijdje in Friesland en toen ze een keer een wedstrijd in Bedum had, vond ze dat al zo’n beetje het einde van de wereld. Oosterburen was dus helemaal een schok maar inmiddels woont ze hier al weer 16 jaar met veel plezier op de boerderij.

Onze zoon Xander wordt in oktober 15 jaar, hij zit in klas 3 van het VWO in Warffum en heeft het daar prima naar de zin. Met veel voetbalvrienden fietst hier hij dagelijks naar toe. Hij is dan ook zeer sportief en een fanatiek voetballer, inmiddels als spits spelend bij de B-junioren van de VV Middelstum.

Waar mogen ze je ’s nachts voor wakker maken?

Voor een sinaasappelmosterdsoep, gemaakt door Robin Stuitje van Bistro “In de Valk”, zeer aan te bevelen!

Waar staat Peter Anema over 10 jaar?

In 2004 had ik niet verwacht dat ik mijn bedrijf zo zou hebben uitgebreid. Of dat ik jeugdtrainer bij de VV Middelstum zou zijn. Dus, ik laat me maar verrassen. Ik heb niet echt een vastomlijnd doel of ambitie. Maar als ik iets doe, dan wil ik het wel goed doen!

Wil je verder nog iets kwijt?

Het bedrijfsongeval in 2007 heeft mij wel geleerd dat gezond zijn heel belangrijk is. Dus waar ik over 10 jaar ook sta, ik hoop dat ik er wel in goede gezondheid mag staan. Ditzelfde wens ik uiteraard iedereen toe!

Bert Koster
Middelstum
info@bert-koster.nl
bertkoster1@gmail.com
www.bert-koster.nl
06-51715098
0595-552405
KvK nummer: 57250278
BTW nummer: NL 108306987B01