Wellicht is het (n)iemand opgevallen. Mijn vorige column voor/op de goed gelezen site van Bert werd al na enige uren weer verwijderd. Dit gebeurde (volkomen terecht) op verzoek van mijn werkgever.
Ik had als onderwerp gekozen voor het bezoek van een niet nader te noemen koning van een niet nader te noemen land vanwege de officiële opening van een nieuw (werk)pand. Afgezien van de melding wat voor geweldig bezoek het was geweest, had ik (inderdaad) iets teveel “inside information” gebruik in mijn geschrift. Ik begrijp achteraf dat dit zou kunnen leiden tot lastige situaties. Niet dat ik zo’n situatie zelf zou kunnen benoemen overigens.
Ik maakte in mijn geschrift melding van het feit dat de niet nader te noemen koning van een niet nader te noemen land na zijn bezoek doorreisde naar een niet nader te noemen dorp die gebukt gaat onder aardbevingsproblematiek. Ik maakte daar de kanttekening dat het dorp misschien helemaal niet zat te wachten op dit bezoek, omdat het per saldo niet veel verbetering oplevert. Want er waren al 5 eerdere bezoeken geweest. Allemaal even vruchteloos.
De reeds eerder genoemde vertelde bij een 7e bezoek aan een andere niet nader te noemen dorp, dat ook gebukt gaat onder aardbevingsproblematiek, dat zijn aanwezigheid op zijn minst veel publiciteit oplevert. Dat mede daardoor de situatie onder de aandacht blijft van verantwoordelijke politici in Den Haag. Maar dat zou toch een vanzelfsprekendheid moeten zijn na al die jaren van “angst en beven”?
Was het maar waar dat door de bezoeken “recht werd gedaan aan de Groningers”. Dat er wat eerlijkheid zou komen in de afhandeling van schademeldingen, dat er geen onderlinge conflicten zouden ontstaan door ongelijke behandelingen, dat de in het leven geroepen instanties zich opstelden als behulpzaam, begripvol en ondersteunend en zich niet toonden als de “vijand”.
Maar hier gaat het nu niet over.
Zoals iedereen (??) wel zal weten moeten ambtenaren een geheimhoudingsverklaring ondertekenen. Je kunt je afvragen (in de traditionele zin en rol van een ambtenaar) waarom dit nodig is, want wat kun je allemaal beleven of meemaken en dus doorvertellen aan derden als je voornamelijk ligt te slapen of naar buiten aan het staren bent. In mijn geval is dat uiteraard niet aan de orde.
Achteraf begrijp ik ook heel goed waarom mijn baan even op het spel heeft gestaan. Echt? Jazeker, want ik heb getekend om geen zaken naar buiten te brengen die geacht worden binnenkamers te blijven. En alle gekheid op een stokje, er zijn vele ambtenaren die iedere dag hun stinkende best doen om ons te ondersteunen bij het dagelijkse leven. Dit verhaal, voor zover ik dat kan beoordelen, herbergt 2 complimenten!
Het eerste compliment is voor Bert en zijn site.
Mijn werkgever erkent dat de site van Bert dermate vaak wordt bezocht en dat de columns heel erg goed (= vaak) worden gelezen dat er niet een houding kon zijn van “laat maar zitten, hoeveel mensen zullen dit uiteindelijk lezen?”. “Het gevaar van een ruime verspreiding lag op de loer. Wie weet wat een kwaadwillende allemaal kan doen met deze overvloed aan informatie. Denk bijvoorbeeld aan de huidige situatie rondom het “gijzelen” van gegevens bij ODIDO! En de dreiging dat als er niet wordt betaald, gegevens op het Dark Web worden geplaatst!
Het tweede compliment is voor mij.
Op basis van de duidelijke interne regels zou mijn werkgever volledig in haar recht staan om mij de deur te wijzen. Gelukkig is dit niet gebeurd. In mijn misschien wel misplaatste trots denk ik dat ik wel iets goeds moet hebben gedaan. Ik heb zelfs een foto van het moment dat ik mijn geheimhoudingsverklaring onderteken. Er was dus indien nodig (gelukkig niet) een bewijsstuk. Zoals ik al in een eerdere column heb aangegeven betreft het hier wel mijn droombaan. Het zou verschrikkelijk zijn geweest als ik dat was kwijtgeraakt.
Dus ik heb mijn lesje geleerd: nooit weer!!