Kunt u zich heel kort even voorstellen?
Mijn volledige naam luidt Elizabeth Schuur – Scheltens, roepnaam Liesbeth. Ik ben op 9 december 1947 geboren in Helpman. We waren thuis met vijf meiden en ik was de één na jongste. Het was een gezellige drukte, we konden het prima met elkaar vinden. Mijn vader was elektricien en we hadden een winkel waar radio’s, televisies, wasmachines e.d. verkocht werden. Mijn moeder stond in de winkel en alle vertegenwoordigers waren verliefd op haar door haar mooie rode haar. Als kinderen moesten we altijd meehelpen in de winkel.
Ik ben opgegroeid in de flowerpowertijd en vooral in mijn jonge jaren vaak verhuisd. Al met al zo’n zestien keer. Ik heb wel langere periodes in Helpman en aan de Heresingel in Groningen gewoond. Inmiddels woon ik al weer vijftien jaar met veel plezier aan Boterdiep OZ in Bedum. Zo rond 2010 wilde ik de stad achter mij laten en ik heb veel huizen in de provincie bezocht die te koop stonden. Toen ik voor dit huis stond, was ik direct verkocht. Wonen in Bedum bevalt prima, ik ben hier thuisgekomen.
Wat is uw burgerlijke staat?
Ik ben alweer achttien jaar weduwe van Dick Schuur. We waren collega’s bij de politie en hoewel hij vier jaar ouder was dan ik, voelde het als liefde op het eerste gezicht. Na een huwelijk van 32 jaar is Dick na een ziekbed van negen maanden overleden. Hij had zelf twee kinderen, een zoon en een dochter. Met zijn dochter heb ik nog steeds contact. Zijn zoon is in 1999 plotseling overleden aan een hartstilstand.
Wat is uw voormalig beroep?
Na de lagere school in Groningen, ging ik naar de MULO in Haren. Ik maakte er een beetje een zooitje van en werd bijvoorbeeld veel enthousiaster van cabaret dan van school. Toch wist ik op zestienjarige leeftijd mijn diploma te halen. Eigenlijk wilde ik wel naar Frankrijk om daar als au pair aan de slag te gaan maar daar stak mijn moeder een stokje voor. Zij vond mij hiervoor veel te losbollig.
Wel regelde zij een baan in Groningen voor mij. Ik werd klassenassistent op een school met zwaar gehandicapte kinderen. Ik had er feeling voor en het er erg naar de zin maar de school verhuisde op den duur naar Beesterzwaag. Ik heb toen eerst allerlei flutklussen via het uitzendbureau gedaan maar kon toen bij fotograaf Hans de Smit uit Groningen aan de slag. Daar heb ik jarenlang met veel plezier gewerkt. Ik fotografeerde, ontwikkelde de foto’s maar stond ook in de winkel.
Door betere verdiensten ruilde ik die baan in voor werken in de horeca. Op aanraden van een vriendin die er al werkte, ging ik bij De Jacobijn aan de slag, een horecagelegenheid vlakbij de Grote Markt. Een volledige baan waar ik mijn energie prima kwijt kon. Ik genoot van de klantcontacten en de gastvrijheid.
Ik was 26 toen ik in de krant een vacature zag. Bij de politie waren ze op zoek naar een telefoniste/centraliste op de meldkamer. Ik solliciteerde succesvol en had het er prima naar de zin. De bekende politiechef Eric Nordholt, de beste baas die ik ooit gehad heb, had mij na twee jaar op de korrel. In Groningen werd een informatiecentrum opgezet en daar moest ik heen. Hij zag het dus wel in mij zitten.
In het centrum werden diverse disciplines aan elkaar gekoppeld in de tijd dat alle gegevens nog in kaartenbakken opgeslagen werden. Het was naast pionieren vaak ook puzzelen geblazen. We deden dus al het administratieve voorwerk voor de politie. Ik heb zeker in die tijd heel veel cursussen gevolgd en stuurde op den duur 22 burgermedewerkers aan op de afdeling. Het was in de tijd dat het informatiecentrum nog onder de gemeentepolitie viel.
Later kwam de rijkspolitie erbij en moest de dienst over de hele provincie worden uitgerold. Eigenlijk van de een op de andere dag raakten wij onze baan kwijt want het informatiecentrum werd immers opgedoekt. Daar ben ik een half jaar goed ziek van geweest en ik zat zelfs de hele tijd in de ziektewet hierdoor. ‘Hoe nu verder?’, dacht ik vaak.
Ik heb toen met een goede collega van mij gebeld die inmiddels voor Binnenlandse Zaken werkte. In Driebergen zochten ze nog een functioneel beheerder voor hun herkenningssysteem met als gevolg dat ik dagelijks op en neer reed naar Driebergen. Dit heb ik van 1998 tot 2006 gedaan.
Mijn man werkte bij de recherche en had te maken met zware criminaliteit. Hij is vervroegd met pensioen gegaan en spoorde mij aan om hetzelfde te doen. Op 58-jarige leeftijd kon ik er vervolgens met een goede regeling uit. Ik was een van de laatste die hiervan gebruik kon maken. Ik kijk terug op een zeer gevarieerd werkleven en heb overal van genoten.
Hoe bevalt het gepensioneerd zijn?
Ik vond het in het begin verschrikkelijk want wat miste ik mijn werk en collega’s. Van Dick zijn idee om een camper te kopen en er op uit te trekken kwam helaas weinig terecht. Tijdens een vakantie in Portugal voelde hij zich enorm vermoeid en dat terwijl hij een prima conditie had.
Uiteindelijk kwam aan het licht dat hij bronchilitus had waaraan hij na een ziekbed van negen maanden is overleden. In die tijd was ik natuurlijk heel druk met zijn verzorging en ik had na zijn overlijden tijd nodig om dit te verwerken.
Gelukkig had ik mijn twee honden nog. Die Duitse herders waren vaak ziek en hadden veel aandacht nodig. Ik ben mijn hele leven een groot hondenliefhebber geweest. Dick en ik waren bij de politie ook nauw verbonden met de hondenschool van Martin Gaus. Nog steeds maak ik dagelijks lange wandelingen met bouvier Blossom. Ik pak dan de auto en trek er op uit, bijvoorbeeld naar de Eemshaven, Westeremden of Middelstum.
Na het overlijden van Dick ben ik naar een reisbureau in Helpman gegaan om een vakantie te boeken. Het werd een reis van tien dagen naar Bonaire en dat is gelijk ook mijn laatste buitenlandse reis geweest. Tegenwoordig geniet ik des te meer van mijn jaarlijkse twee uitstapjes naar Schiermonnikoog.
Ik het voorjaar ga ik twee weken en in de nazomer drie weken. Ik heb op Schier al meer dan veertig jaar een huisje vlakbij de vuurtoren. Ik kan daar intens genieten en heb veel vrienden en kennissen op het eiland. Een eiland met de mooiste natuur van de wereld.
Verder lees ik veel, bezoek vrienden en ben een echte kunstliefhebber waarbij Theo Onnes mijn favoriete schilder is. Van hem heb ik vier schilderijen in huis hangen en ik ben uiteraard naar zijn expositie op Maarhuizen geweest. Zaterdag ga ik naar de laatste streekproductenmarkt in Middelstum en ik ga ook regelmatig naar Hotel ’t Gemeentehuis in Bedum waar het altijd gezellig is.
Wat zijn de hoogtepunten uit uw leven?
Dat ik Dick heb leren kennen. We zijn op Schier getrouwd. Het was geen uitgebreid feest omdat hij al een keer eerder getrouwd was maar het werd toch een prachtige dag. Op werkgebied vond ik mijn pionierstijd voor het informatiecentrum het mooist.
En de dieptepunten?
Aan dat centrum kwam dus een abrupt eind en die mededeling werd mij op A5-formaat aangeleverd, dat het centrum zou worden opgedoekt. Dat was zeker een dieptepunt en dat geldt natuurlijk ook voor de dood van Dick.
Heeft u nog anekdotes en mooie verhalen?
Ik moet nog regelmatig grijnzen om voorvallen die bij de politie hebben plaatsgevonden maar daar zal ik nooit over uit de school klappen. Dat kan ik wel doen over mijn werkavonturen bij fotograaf De Smit. We deden ook bruidsreportages en toen de dochter van een Groningse rechter, wiens naam mij even ontschoten is, trouwde waren we getuige van de meest chique bruiloft die ik ooit meegemaakt heb.
We mochten zoveel foto’s schieten als we maar wilden en lagen op den duur zelfs onder de tafel om de mooiste foto’s te kunnen maken. Een bruiloft in Glimmen staat mij ook nog helder voor de geest. Hier waren Dick en ik voor uitgenodigd. Op die dag werden drie verschillende feesten met drie verschillende kledingvoorschriften georganiseerd maar daar hadden we helemaal geen geld voor. We zijn toen met een smoes alleen ‘s middags naar het gemeentehuis geweest.
Wat zou u ooit nog willen doen in uw leven?
Ik heb geen bücketlist, dat vind ik zo’n onzin. Er komt vanzelf weer iets leuks op mijn pad. Ooit heb ik tegen Dick gezegd dat ik wel eens op vliegdekschip zou willen kijken, dat leek mij net wat. Hij heeft zijn best gedaan om dit voor elkaar te krijgen maar het is er nooit van gekomen.
Waar heeft u spijt van gehad in uw leven?
Ik vind spijt hebben, net als jaloers zijn, overbodige emoties die er eigenlijk niet toe doen.
Wat zou u uw leven voor een cijfer willen geven?
Noteer voor alle ups en downs uit mijn leven maar een acht. Nait soezen moar deurgoan!
Wilt u verder nog iets kwijt?
‘Lach en de wereld lacht terug!’ Die spreuk staat op een bordje die al jaren in mijn woonkamer staat. Dat is gewoon zo, je krijgt wat dat betreft wat je geeft. Ik heb bijna altijd een vrolijke uitstraling en ben niet snel chagrijnig. Dat leeft een stuk makkelijker….