KOOZAA
De Kleine Munt
Hotel 't Gemeentehuis
Notaris Huitsing

Fennie Veldman, gezinsverzorger en verzamelaar spullen van het Koninklijk Huis

Kunt u zich heel kort even voorstellen?

Mijn naam is Fennie Veldman, met als meisjesnaam Werkman, geboren op 13 mei 1950. Ik was dochter nummer drie uit een gezin van vier kinderen. Na mij werd mijn nog een jongetje geboren. Mijn vader, Hendrik Werkman, was melkboer in Appingedam. Mijn moeder Willemina regelde het huishouden. We woonden op de Woldweg, achter het Eemskanaal, dus eigenlijk net buiten Appingedam. Ik hielp mijn vader regelmatig mee met het melk bezorgen.

In 1957 verhuisden we naar de Schoolstraat in Appingedam, van daaruit heb ik de lagere school en vervolgens de handels- en praktijkschool doorlopen. Door mij ook wel gekscherend huppel- en plezierschool genoemd. Na getrouwd te zijn, ben ik bij mijn man gaan wonen. Hij had een varkensfokkerijbedrijf in Marsum, een wierdedorp gelegen tussen Appingedam en Holwierde.

In 1987 zijn we in Hefswal gaan wonen, op Schapeweg nummer 8. In 2001 volgde een verhuizing naar de Bergsmastraat in Uithuizermeeden. In 2007 verhuisden we voor het laatst en wel naar de Hoofdstraat 139. We wonen in het voormalig Rabobankpand waar we mooi de ruimte hebben voor onze verzamelingen maar daarover later meer.  

Wat is uw burgerlijke staat?

Ik ben op 31 oktober 1980 getrouwd met Geert Veldman. Nee, liefde op het eerste gezicht was het niet. We kenden elkaar al jaren onder andere via de kerk. Toen een vriendin van mij trouwde met Geert zijn broer, kwamen we elkaar vaker tegen, onder andere op bruiloften. Op den duur sloeg dus de vonk echt over.

In 1983 werd onze zoon geboren. Hij is in tegenstelling tot ons een echt stadsmens. Toen hij 18 jaar was, ging hij in Groningen studeren. Na zijn studie afgerond te hebben, verhuisde hij naar Arnhem. Inmiddels woont hij al weer enige jaren in Amsterdam en het gaat hem er goed naar de zin. We vinden het leuk om bij hem op bezoek te gaan maar ik zou er voor geen goud willen wonen…..

Wat is uw voormalig beroep?

Na de handels- en praktijkschool afgerond te hebben, mocht ik wel doorleren. Maar ik koos er voor om mijn vader mee te helpen met de melkverzorging. Ook al omdat hij astmatisch aangelegd was. Met het melk bezorgen is mijn vader in 1968 gestopt. Ik ben toen de gezinsverzorging in gegaan. Hiervoor volgde ik in Leeuwarden een halfjarige opleiding, ik woonde daar intern. Daarna heb ik bij vele gezinnen mee geholpen met huishoudelijke werkzaamheden. Aanvankelijk alleen in Appingedam, later ook in Delfzijl en Loppersum.

Na ons trouwen, hielp ik mee in het bedrijf van mijn man. Dat was ook wel nodig want hij werkte ook nog als bedrijfsverzorger bij verschillende agrariërs in de buurt. Het waren lange dagen. Vaak stonden we om 04.45 uur op om vervolgens uiteindelijk rond 22.30 uur op bed te gaan. Omdat we in Marsum niet uit mochten breiden, verhuisden we naar Hefswal waar we het bedrijf voort hebben gezet. De ‘zwienepot’ werd steeds minder en rond 2000 zijn we er uiteindelijk mee gestopt. De grote schuur hebben we nog een tijdje als caravanstalling gebruikt. Mijn man is toen ambtenaar geworden bij de gemeente Delfzijl (hij is vaak op de trekker te vinden) en heeft nog enige jaren te gaan tot zijn pensionering.

Hoe bevalt het gepensioneerd zijn?

In 2000 kreeg ik dus meer vrije tijd en dit gaf mij de kans om het nodige vrijwilligerswerk te doen. Onder andere voor de kerk waar we bij aangesloten zijn. Zo ben ik enige perioden ouderling geweest en ik heb ook dertien jaar de kerk schoongemaakt. Ik ben nog steeds een van de contactpersonen van de kerk en bezoek vaak oudere en zieke mensen. Dit kunnen ook mensen zijn die geen lid zijn van onze kerk hoor, dat maakt mij niet uit.

Een van de redenen dat wij hierheen verhuisd zijn, was de hoeveelheid extra ruimte die we hierdoor kregen. Geert is zich namelijk in de loop der jaren op het verzamelen van klokken gaan richten. Dat ging eerst mondjesmaat maar het werden er steeds meer. Hij zei tegen mij: “Als we wat groter gaan wonen dan kun jij ook meer spullen verzamelen van het Koninklijk Huis!”

En dat ben ik inderdaad gaan doen. Ik ben op bescheiden schaal met het verzamelen begonnen in 1966. Dat was het jaar dat prinses Beatrix met prins Claus trouwde. Inmiddels heb ik een hele kamer ingericht met duizenden spullen die betrekking hebben op het Koninklijk Huis. Je wilt een opsomming: bekers, foto’s, plakboeken, schilderijen, vlaggen, glazen, speldjes, puzzels enz. enz.. Je kunt het eigenlijk niet zo gek verzinnen of ik heb het wel. Er worden mij nog steeds spullen aangeboden maar ik neem lang niet alles meer aan. Ik richt mij tegenwoordig eigenlijk alleen nog op spullen die betrekking hebben op Koning Willem Alexander en Koningin Maxima.

En Geert heeft inmiddels zo’n 150 klokken verzameld. Hij heeft ook een aparte kamer waar hij vaak te vinden is voor onderhoud en het schoonmaken van de klokken. Soms vraagt hij mij wel eens of ik koffie bij hem kom drinken. Dat doe ik dan wel af en toe maar nooit om twaalf uur want dan word je horendol van al die afgaande klokken. Oh ja, in de oude bankkluis bewaren we nu oude potten en pannen. Er komen regelmatig mensen langs om onze verzamelingen te bekijken. Ik leid ze graag rond hoor want ik vind het leuk om erover te vertellen. Mensen kunnen altijd even bellen om een afspraak te maken. De enige tegenprestatie die ik ze vraag is of de gasten een krabbel willen zetten in het gastenschrift…… 

Wat zijn de hoogtepunten uit uw leven?

Allereerst onze trouwdag. Deze was extra bijzonder omdat er familie vanuit Canada en Amerika overkwam en dat wisten we niet. Wel dat een oom en tante over zouden komen, maar er waren ook neven en nichten. Dit kwam ook omdat mijn ouders een week later veertig jaar getrouwd waren. En uiteraard was ook de geboorte van onze zoon een hoogtepunt. Hij kwam een maand te vroeg op de wereld maar was gelukkig kerngezond.

En de dieptepunten?

In 1985 heb ik een miskraam gehad na een zwangerschap van drieënhalve maand. Ik voelde mij gezond en alles leek goed te gaan dus dan reken je hier niet meer op hoewel er altijd iets mis kan gaan natuurlijk. Maar de miskraam was dus een hele klap.

Heeft u nog anekdotes en mooie verhalen?

Wij hadden vroeger een knecht, Henk genaamd, hij zal een jaar of vijftien geweest zijn. Hij wist natuurlijk al lang dat er binnenkort gezinsuitbreiding bij ons zou komen. Zelf was ik een jaar of zes en ik wist van niets. Hij vroeg toen aan mij of ik wel een broertje of zusje zou willen hebben. Natuurlijk leek mij dat geweldig toe. ‘Dan moet je een kikker aan de voordeur hangen, je zult zien dat het dan niet lang meer zal duren.’ Die kikker is er inderdaad gekomen, vraag mij niet meer hoe, en twee weken later kwam mijn broertje op de wereld….

Toen ik in de gezinsverzorging werkte, moest ik op een dag boodschappen doen. In het gezin was net een tweeling geboren en de baby’s gingen mee naar de winkel, in zo’n brede kinderwagen. Toen ik in de winkel was, keek een mevrouw nieuwsgierig in de wagen. ‘U heeft er twee, dat moet vast een zware bevalling geweest zijn?!’ ‘Nee hoor,’ antwoordde ik, ‘het was een fluitje van een cent!’. Wist zij veel dat ik niet de moeder was….

Wat zou u ooit nog willen doen in uw leven?

Niets bijzonders eigenlijk, gewoon lekker zo doorgaan dus. Van stilzitten is geen sprake en we hebben al vele mooie reizen mogen maken.

Waar heeft u spijt van gehad in uw leven?

Ik zou het echt niet weten, nergens van dus.

Wat zou u uw leven voor een cijfer willen geven?

Voor mijn gevoel wel een mooie negen!

Wilt u verder nog iets kwijt?

Wees blij met de kleine dingen in het leven en geniet als je de kans hebt. Wacht niet tot later met de dingen die je nog graag wilt doen want later is al begonnen……. Zo zijn Geert en ik vorig jaar drieënhalve week naar Amerika geweest. We hebben de Grand Cayon bezocht en zijn op familiebezoek geweest. Dit was een geweldige ervaring en dat pakken ze ons nooit meer af!

Bert Koster
Middelstum
info@bert-koster.nl
bertkoster1@gmail.com
www.bert-koster.nl
06-51715098
0595-552405
KvK nummer: 57250278
BTW nummer: NL 108306987B01